Sint-Nicolaas als adventsheilige

Vanaf half november stijgt uit Nederland de geur op van speculaas, pepernoten, chocolademelk en mandarijntjes. Die kruidige, zoete geur roept meteen levendige herinneringen op aan de warmte van het Sinterklaasfeest, aan het mysterie van schoentje zetten en de opwinding van pakjesavond. Aan het begin van de adventstijd is Sinterklaas een feest voor kleine en grote kinderen, dat veel mensen nog steeds recht uit het hart kunnen vieren.

Tekst: Tineke Croese

Net als elk land kennen ook wij in Nederland tradities waar we niet meer bij stilstaan. Soms zien we pas door de ogen van een vreemdeling het ongewone ervan. Wat is er gewoner – vinden wij – dan dat een jarig kind een traktatie meebrengt voor zijn klasgenootjes? Maar de Duitser Herbert Hahn, die enige tijd op een Nederlandse vrijeschool werkte, moest hier erg aan wennen: een jarige die ‘geschenkjes uitdeelt’ (trakteert)! En daarvoor worden dan vanzelfsprekend alle lessen onderbroken, ook al geeft dat onrust! Vanuit die ervaring stond hij er dan weer niet van te kijken dat het Sinterklaasfeest hét grote feest van Nederland is. Oók een verjaardag waarbij de jarige geschenken uitdeelt. En óók een feest dat een stukje onrust brengt in een tijd die eigenlijk om stilte vraagt. Want 5 december valt meestal in de eerste, soms in de tweede week van de adventsperiode, de stille tijd die aan Kerstmis voorafgaat. Hoe valt dat te rijmen?

Schenkende heiligen
In de adventstijd verwachten we de geboorte van het kerstkind dat zichzelf weggaf aan de mensen. In die tijd lijkt zich overal een schenkende kracht te openbaren. Sint-Nicolaas is namelijk in de zes weken voor Kerstmis niet de enige die geschenken brengt. De rij van schenkende heiligen wordt geopend door Sint-Maarten (11 november) die zijn halve mantel weggeeft. De heilige Elisabeth (19 november) en de Zweedse Sint-Lucia (13 december) schenken brood aan de armen. In veel landen komt het kerstkind zelf met geschenken en in Zuid-Europa en Rusland laten de drie koningen op weg naar het kerstkind een geschenk achter in de sok van alle kinderen. Sint-Nicolaas voegt zich moeiteloos in deze rij schenkende heiligen. In Nederland blijft zijn feest echter niet beperkt tot één dag, maar neemt het de hele periode van half november tot pakjesavond in beslag.

Onrust tijdens advent
Bovendien komt Sint-Nicolaas niet alleen. Hij wordt vergezeld door een luidruchtig, kleurrijk en vrolijk volkje van helpende Pieten. In het rumoer van de Pieten hoor je het loeien van de novemberwind: als buiten de herfststormen de aarde schoonvegen, halen de Pieten de bezem door ons innerlijk. Het is hun taak om ons bewust te maken van onze tekortkomingen. Naast het licht van Sint-Nicolaas was Zwarte Piet aanvankelijk een duistere, angstaanjagende schaduwfiguur, maar in die gedaante verdween hij al gauw. Dat hij zo kleurig en beweeglijk werd, heeft volgens mij alles te maken met het feit dat wij in de loop van de tijd geleerd hebben om zelf de bezem te hanteren. Wij zijn steeds beter in staat naar onszelf te kijken, en al durven we onze schaduw misschien nog niet recht in de ogen te zien, we doen wel steeds vaker een dappere poging. Misschien dat daardoor het kostuum van Piet al decennialang alle kleuren van de regenboog vertoont. En tegenwoordig staan de laatste resten van zijn zwarte uiterlijk – zijn handen en gezicht – ook op het punt van kleur te veranderen. Piet is een louterende kracht die alles wat in ons schaduwachtig is, transparant wil maken voor het licht. Ook Sint-Nicolaas zelf moedigt dit element van loutering aan: op pakjesavond mogen anderen ons op onze tekortkomingen wijzen. Met mildheid en humor, dat wel. Maar het effect is toch dat we onszelf even zien door de ogen van een ander.

(tekst loopt door onder afbeelding)

Het kind in de mens
De stilte van de adventsperiode is vol verwachting. We verwachten de geboorte van het goddelijk kind. Een zuivere, hemelse kracht daalt in de gedaante van een kind naar de mensen af om op de schoongeveegde aarde én in de gelouterde mensenziel zijn plek te vinden. Sint-Nicolaas is de beschermer van het kind in de mens, daarom valt zijn feest in de advent. Dit ‘kind in de mens’ is geen wezentje dat volgens de voorstellingen van een volwassene opgevoed moet worden. Met dit kind worden alle mogelijkheden bedoeld die we uit een geestelijke wereld hebben meegebracht om op aarde onszelf te kunnen worden. In de vroege middeleeuwen, voordat het huidige sinterklaasfeest bestond, werd Sint-Nicolaas al afgebeeld op doopvonten. Als een engel bracht hij het kind uit de hemel naar de aarde en zorgde hij ervoor dat het door de doop toch met de hemel verbonden bleef.

Ook legenden laten zien dat Sint-Nicolaas het kind in de mens beschermt. Zo wekte Sint-Nicolaas drie studenten tot leven die het argeloze slachtoffer waren geworden van een herbergier die hen vermoordde en inpekelde. En drie zusjes aan wie hij elk een beurs met gouden munten schonk, hoefden zich niet te prostitueren. Met hulp van Sint-Nicolaas hoefden deze drie ‘zusjes’ – net als de ‘studenten’ een beeld voor drie jonge zielekrachten – hun zuiverheid en onschuld niet te verliezen.

De geschenken van Sint-Nicolaas zijn bedoeld voor het kind in ons. Ze zijn bedoeld om ons te helpen ons lot te aanvaarden, met alle mogelijkheden en beperkingen. Daarom legt Sint-Nicolaas zijn geschenken in onze schoenen. Schoenen staan immers voor ons persoonlijk levenslot. Als we zeggen: Ik zou niet graag in jouw schoenen staan, dan bedoelen we dat we het lot van die ander niet willen overnemen. Dat kan natuurlijk ook niet, maar Sinterklaas laat zien dat je een ander wel kunt bijstaan.

De Claesmannen
Elk kind weet dat Sint-Nicolaas geen gewoon mens is, maar een mysterie. Als volwassene kun je Sinterklaas beleven als een geheimzinnige kracht die zich via mensen kan manifesteren. Die kracht helpt ons niet alleen om kritisch naar onszelf te kijken, het kind in ons te beschermen, en ons leven te leven – die kracht doet meer. Toen de burgers in de late middeleeuwen zich in gilden verenigden, koos elk gilde een afgezant. De afgezanten van alle gilden vormden een stadsraad die opkwam voor de belangen van de burgers tegenover die van de adel. Als patroonheilige koos deze stadsraad niemand minder dan Sint-Nicolaas. Daarom werden de leden van de raad ook wel ‘Claesmannen’ genoemd. Als schutspatroon van de mensen die opkwamen voor de rechten en vrijheid van de individuele mens staat Sint-Nicolaas aan de wieg van een samenleving waarin voor iedereen een plek is en mensen niet alleen aan hun eigen belangen denken.

Ook onze tijd zou weleens Claesmannen- en vrouwen nodig kunnen hebben die het iedereen mogelijk maken zijn eigen plek in de samenleving te vinden. Met hulp van Sint-Nicolaas kun je jezelf door de ogen van de ander in een nieuw licht zien, wat een heel verhelderend geschenk kan zijn. En wil je in de geest van Sint-Nicolaas anderen iets schenken, dan vraagt dat liefdevolle aandacht. Alleen dan kun je je zo in iemand anders verplaatsen dat je begrijpt wat hij nodig heeft. De Claeskracht die zich op de ander oriënteert, beperkt zich niet tot de sinterklaastijd of de adventstijd. Die werkt in ieder mens die zich op welk moment dan ook wil inzetten voor mensen en hun mogelijkheden.

Dit artikel is verschenen in Antroposofie Magazine nummer 4 van december 2016. Wil je ook ieder kwartaal inspirerende artikelen lezen? Klik HIER voor een abonnement voor slechts  € 29,95 per jaar.