Je bent meer dan metadata – door Jesse Mulder

AMsite-JesseMulderBij een Studium Generale-lezing afgelopen woensdag (23 maart) zette Dimitri Tokmetzis, data-journalist van De Correspondent, een krachtig betoog neer: We hoeven ons geen illusies te maken, ons leven is tot op angstwekkend gedetailleerd niveau te reconstrueren uit alle data die we creëren en achterlaten. We zijn natuurlijk wel bekend met dat fenomeen: bedrijven als Google en Facebook verdienen niet direct aan hun producten (die zijn immers gratis) maar wel aan advertenties. En dat kunnen ze omdat ze zo veel data over hun gebruikers verzamelen. Die data maakt het mogelijk om gericht te adverteren.

Zodra je op de een of andere manier met internet verbonden bent, wordt er data verzameld. En dat zijn we nu eenmaal op steeds grotere schaal – de smartphone levert wat dat betreft natuurlijk een enorme bijdrage. Maar neem zoiets ogenschijnlijk onschuldigs als een e-book lezen op je Kindle. Jij leest ineens niet alleen het boek, maar het boek leest ook jou: waar en wanneer ben je aan het lezen, bij welke passages lees je langer door, welke boeken lees je wel of niet uit, in welke volgorde lees je welke boeken – dat soort informatie wordt verzameld, geanalyseerd, en verkocht aan uitgevers. Data is goud waard.

Metadata

Het hoeft hier trouwens niet eens te gaan om de inhoud van, bijvoorbeeld, je e-mails, je Facebookposts, je digitale foto’s, je WhatsAppjes etc. Eigenlijk is de zogeheten metadata veel belangrijker: informatie die niet veel meer zegt dan dat je een e-mail of berichtje hebt verstuurd (op welk tijdstip, vanaf waar, naar wie, met welke titel) of dat je een foto hebt gepost (bij wie, op welk tijdstip, welke locatie, met wat voor camera). Tokmetzis liet overtuigend zien dat je op basis van dat soort metadata al snel een zeer gedetailleerd profiel kunt maken van iemand.

Niets te verbergen

Maar hoe erg is dat nu eigenlijk? We hebben toch niets te verbergen in onze vrije westerse maatschappij? Volgens Tokmetzis moeten we de impact van dit fenomeen echter niet onderschatten. Want wat gebeurt er nu feitelijk? Op basis van dit soort data worden we massaal, en op steeds specifieker niveau, sociaal gecategoriseerd. Neem zorgverzekeraars: als die door analyse van allerlei soorten data (en die kan heel diverse bronnen hebben!) kunnen gaan differentiëren tussen mensen met hoger en lager risico op diverse soorten prijzige aandoeningen (diabetes, hartklachten etc.) dan is de verleiding groot om klanten met zo’n hoger risico óf eruit te werken, óf meer premie te laten betalen. Promovendum, ‘de zorgverzekering voor hoger opgeleiden’, is een voorbeeld: hoger opgeleiden blijken grosso modo goedkoper, dus is het voordelig om je daarop te richten. Maar het is natuurlijk duidelijk dat dit uiteindelijk het hele idee van een verzekering – we betalen allemaal een beetje om de klappen voor de onfortuinlijken onder ons gezamenlijk op te vangen – onder druk zet. Waar blijft dan de solidariteit?

shutterstock_236162002Digitaal masker

Vanuit antroposofisch gezichtspunt heeft deze sociale categorisering nog een diepere lading. Tokmetzis duidde die al aan met een frappante opmerking: “Je bent niet je data, je bent geen model.” Als je voortdurend op basis van dat model, die ‘digitale tegenhanger’, wordt benaderd, grotendeels buiten je bewustzijn om, dan is het niet ondenkbaar dat je daardoor steeds meer op die digitale tegenhanger gaat lijken. Je Ik, je unieke menselijke individualiteit, komt ongemerkt in de verdrukking, omdat je leven zich steeds meer richt naar dat model. Terwijl je de indruk hebt dat je juist heel individueel wordt benaderd, exact afgestemd op jouw gewoontes, behoeftes, interesses, etc. De mens wordt gereduceerd tot een berekenbaar sjabloon, een digitaal masker.

Bewustwording

Wat te doen? Tokmetzis wilde duidelijk geen doemprediker zijn – maar zijn luisteraars wel wakker schudden. Bewustwording is een eerste stap: data, ook als die geanonimiseerd is, bestaat nog steeds uit intieme gedragsgegevens. Zo beschouwd missen we dus een belangrijk stuk wettelijke bescherming daarvan. Verder is het cruciaal dat we de ‘monopolies’ (Google, Facebook etc.) doorbreken, dat we gaan onderzoeken hoe er meer controle bij de eindgebruiker kan komen te liggen, en hoe we de verdienmodellen kunnen ondermijnen die de uitbuiting van data momenteel zo’n sterke boost geven. Er zijn op dit vlak nog belangrijke stappen te zetten in de nabije toekomst!

Jesse Mulder is universitair docent bij de vakgroep Filosofie en religiewetenschap aan de Universiteit Utrecht. 


Dimitri TokmetzisDe lezing van Dimitri Tokmetzis vond plaats in het kader van een universiteitsbrede cursus wetenschapsfilosofie, die Jesse samen met andere docenten van de Universiteit Utrecht verzorgt. Die cursus bestaat uit een veelzijdige reeks Studium Generale-lezingen, dit jaar met als overkoepelend thema ‘Machtige geheimen’. Het gaat over wetenschappers die, gewild of niet, geheimen hebben, geheimen onderzoeken, op gevoelige resultaten stuiten, onderzoeken wat het is om geheimen te hebben – en ook over de vraag of we tegenwoordig nog wel geheimen kunnen hebben. Tokmetzis sprak in het kader van die laatste vraag. Zijn lezing is terug te kijken op
de website van Studium Generale.